Poezieroute Gorinchem

17. Dichter – K. Michel

Bij de onthulling van dit gedicht hoorde een project met een havo 4-klas van het Gorcumse Lyceum Oudehoven. K. Michel verzorgde in de landelijke Week van de Poëzie in februari 2013 een gastles over poëzie in het Gorcums Museum, waarna de dichter dit gedicht onthulde samen met enkele leerlingen.

DICHTER!
Kam je haar, poets je schoenen!
Trek je innerlijk aan!
We gaan de wind een hand geven.
We gaan de horizon begroeten.

Zoveel te zien! Zoveel te doen!

We gaan de taal van de vogels leren.
We eten het zand van de tijd.
We blazen de wereld een glas.

Ja! De namen zijn adem.
Het licht is een vogelkreet.
De waarheid een fabel.

We gaan de handpalm van de wind lezen.
We geven de dingen een andere naam.
We slaan de idiomen met stomheid.
We spreken de horizon onder vier ogen.

Ja! Ja! We ontmoeten, we groeten iedereen.
Douane, wolken, rondvaartbootjes.
Lakens in de wind, meeuwen, lindebomen.
Muziek, atleten, streekgerechten.
Obers, lokale gebruiken,
zebrapaden. Alles!

We reizen zonder landkaart.
We komen overal.
En we schudden alle handen, alle dingen
alle namen door elkaar,
En we roepen, we brullen overal:

Aap! Noot! Mies! Aap! Noot! Mies!

Locatie

Vanaf gedicht 16: Als u verder naar beneden loopt in de Bornsteeg komt u uit in de Molenstraat. Sla daar linksaf en u loopt aan het einde van de straat recht tegen het Tolhuis aan. U kunt daar de vestingwal op en rechts om het Tolhuis heenlopen. U komt dan Buiten de Waterpoort. Steek de straat over ter hoogte van de archeologische vindplaats van resten van de 14e eeuwse stadsmuur aan uw rechterhand. In de stoep verwerkt ziet u enkele meters verderop het volgende gedicht.

Klik hier voor de routebeschrijving

Gesproken woord

Klik op de playknop om het gedicht te beluisteren